Het Casino van de Hebzucht

by admin on 07/02/2014

Het is geen geheim dat de Econoom en nobelprijswinnaar Stiglitz de huidige financiële situatie een giftige cocktail noemt (zie ook Trouw van 7 februari 20014 – Gelijkere inkomens, goed voor iedereen) . Hij stelt dat rijken/investeerders niet meer in de reële economie investeren (ze speculeren alleen nog maar – EB) en de minder draagkrachtigen meer gaan lenen om ook een stukje welvaartsgroei te realiseren.

Rijken en investeerders investeren, per definitie, alleen daar waar ze met hun geld, geld kunnen verdienen. Geld moet immers renderen – blijvend renderen. Geld moet altijd meer worden. Waar een gewone burger, of fysiek bedrijf gewend is aan het fenomeen van 7 vette en 7 magere jaren, wil een eigenaar van geld alleen maar groeien, groeien, groeien – ofwel meer, meer, meer.
Het is niet zo dat een eigenaar van veel geld denkt, “ Ik heb nu een aantal jaren goed verdiend aan mijn beleggingen in de reële economie, dan mag het nu wel ietsje minder.”
Zo denken rijken niet. Wat ze wel denken en van de markt verlangen is: “Waar kan ik mijn geld het beste heen brengen om een zo hoog mogelijk rendement te halen?” Dat heeft tot gevolg dat die markt gaat zoeken naar die plek en die (financiële) producten/markten die rendementen beloven waar om gevraagd wordt. Als dat in de reële economie niet dichtbij te vinden is, gaan ze verder weg (ook een vorm van speculatie, want als het daar even minder gaat trekken ze snel hun geld terug uit die locale reële economie daar – die economie ontredderd achterlatend). Als het niet in de reële economie te vinden is gaan ze zoeken op de speculatieve markt en ontstaan producten als swaps en derivaten, waarmee gegokt wordt met reële bezittingen als huizen en voedsel – volgens mij primaire levensbehoeften van hardwerkende burgers. In tijden van krimp van de reële economie zien burgers bovendien de inkomens van speculanten (geldbezitters en bankiers) nog steeds stijgen en zien hen blijvend meer consumeren – ze willen dan ook graag een graantje meepikken, een logische wens lijkt mij.

Vervolgens worden al die burgers met z’n allen mede verantwoordelijk gehouden voor het debacle dat crisis heet – nogal kort door de bocht lijkt mij. Het is de ongebreidelde hebzucht van hen die geld bezitten en steeds maar meer willen – anderen hebben alleen maar volgend gehandeld om ook iets van de welvaartsgroei te mogen ervaren – die ons in de huidige situatie gebracht hebben.
Het bezit van veel geld is een bijzondere status en vraagt dus om een hoge mate van verantwoordelijkheid. Dat verantwoordelijkheidsgevoel was en is nog steeds ver te zoeken.
De gevolgen ervan ervaren de meesten van ons nu aan den lijve. Het financiële paleis is gestut – want zulke “belangrijke” gebouwen moeten toch behouden blijven. De particuliere huisjes, met hun toch al achterstallig onderhoud – betalen het gelag.
Als het beheren van geld, in verantwoordelijkheid, tot de hoogst gewaardeerde categorie gerekend kan worden, waarom laten we die verantwoordelijkheid dan over aan particuliere ondernemingen? Ondernemingen, die als economische wetmatigheid, altijd op zoek zijn naar winstmaximalisatie.

Mijn oproep

Laten we dus het casino sluiten en van onze politici verlangen dat ze nu eens echt werk maken van hun bijzondere positie. Ik wil best gaan stemmen, maar dan wel voor iets dat er echt toe doet.
Politici staan zich voor dat ze de burger vertegenwoordigen en hun belangen behartigen en beschermen. Daar wacht ik dus nog steeds op. Zij zijn het die in deze tijd de bakens kunnen verzetten en de vlag van vertrouwen weer in top kunnen hijsen. Politici met haar op de tanden hebben we nodig – laat maar zien zou ik zeggen. En wat ik niet wil horen is dat lokale politici geen invloed kunnen uitoefenen op landelijk of Europees beleid – dat gaat er bij mij niet in – een standpunt innemen kan altijd en dat uitdragen ook. Misschien wordt het wel tijd voor lokaal politieke (“burgerlijke”) ongehoorzaamheid (zal wettelijk wel niet kunnen).
Ik ga deze keer nog stemmen – eerst op 19 maart voor de gemeenteraad en daarna op 22 mei voor het Europees parlement, maar misschien is dit wel de laatste keer. Russell Brand laat uitstekend horen waarom ik er zo over denk.

 

Leave a Comment

Previous post: